Huwelijkse voorwaarden en periodiek verrekenbeding

Pas op met het actualiseren van uw huwelijkse voorwaarden. Het klinkt goed, maar voor u het weet heeft u nergens meer recht op! 

In veel huwelijkse voorwaarden is het periodiek verrekenbeding opgenomen: dat wat echtgenoten overhouden van hun inkomen na aftrek van de kosten van de huishouding en dergelijke, dient tussen beiden te worden verrekend. Het bedrag waarop ieder recht heeft moet jaarlijks bepaald en vastgelegd worden.

Praktijk: er wordt niet verrekend:

In de praktijk blijkt dat er niet wordt verrekend. En dat is heel begrijpelijk want er zijn maar weinig mensen die gezellig op oudejaarsavond nog even gaan verrekenen.

Consequenties niet verrekenen:

Vooral bij een echtscheiding heeft het niet verrekend hebben ingrijpende consequenties.. Dan moet er verdeeld worden, maar hoe? Wat is van wie en hoe bewijzen we dat? Komen partijen er niet uit en leggen zij dit voor aan de rechter, dan kan het zijn dat deze oordeelt dat ieder recht heeft op de helft van het vermogen, alsof men gehuwd was in gemeenschap van goederen. Want zo heeft men zich tijdens het huwelijk ook gedragen door niet ieder jaar te verrekenen. Hieruit maakt de rechter op dat men dat blijkbaar niet zo belangrijk vond.

Reparatie door middel van vaststellingsovereenkomst:

Zo is er onlangs een rechtszaak geweest. Een echtpaar, ik noem ze Tjeu en Marie, wilden het feit dat zij nooit verrekend hadden alsnog repareren. Dat deden zij door middel van een vaststellingsovereenkomst. Maar daarin kun je niet zomaar alles afspreken.

Dat blijkt wel uit het feit dat het Hof oordeelde dat er hier geen sprake was van een vaststellingsovereenkomst. Deze pakte namelijk nadelig voor Marie uit want zij gaf hierin haar rechten op verrekening helemaal op. En bij een vaststellingsovereenkomst moet er sprake zijn van het voorkomen van een onzekerheid of geschil. Dit kunnen zij doen door zich opnieuw te binden aan wat zij onderling hadden afgesproken.

Vaststellingsovereenkomst mag geen benadeling van één partij opleveren

Tjeu had op het moment van het opmaken van de vaststellingsovereenkomst vermogen in de vorm van waarde in zijn onderneming. Wanneer Tjeu en Marie op dat moment zouden scheiden, dan zou Marie op grond van de oorspronkelijke huwelijkse voorwaarden recht hebben gehad op de helft van die waarde. De consequentie van de vaststellings-overeenkomst was echter dat Marie nergens meer recht op had.

Marie was afgegaan op de meningen van Tjeu en de notaris

Marie was zich niet bewust van de benadeling en de Rechtbank kan verder ook uit niets opmaken dat zij zich hiervan bewust had moeten zijn, temeer daar Tjeu stelde dat de huwelijkse voorwaarden zelfs een verbetering voor Marie opleverden. Daarbij verwees hij naar de mening van de notaris hierover. Dus hoe had Marie dan kunnen weten, nu zij geen deskundige is op het gebied van het huwelijksvermogensrecht, dat het voor haar wel heel nadelig uitpakte?

Actualisering inkomensbegrip blijkt inperking te zijn!

En het klonk toch zo mooi! “Actualiseren van het inkomensbegrip” Het Hof bestempelde dit als een moeilijk woord voor inperking.

Het blijkt maar weer eens hoe ingewikkeld het huwelijksvermogensrecht is en hoe belangrijk het is om alle omstandigheden mee te wegen bij een wijziging én om beide partijen goed voor te lichten.

Leave A Comment?